Vakbonden en werkgevers eensgezind voor circulaire economie
Vakbonden en werkgevers zijn het eens dat de circulaire economie een absolute prioriteit moet zijn in het nieuwe federale beleid. Samen formuleren ze concrete aanbevelingen om hergebruik van grondstoffen te stimuleren, kwaliteitsvolle jobs te garanderen en de rol van opleiding en sociaal overleg te versterken.
De circulaire economie is al lang geen toekomstmuziek meer. Ze is een noodzaak. De aanhoudende ecologische crisis en onze kwetsbare afhankelijkheid van grondstoffen dwingen ons tot een systeem waarin we grondstoffen niet langer verbruiken, maar hergebruiken. In de kern draait een circulaire economie om het behoud van de waarde van producten, materialen en grondstoffen binnen de economische kringloop, waardoor afval tot een minimum wordt beperkt.
Hoewel België met een circulair materiaalgebruik van om en bij de 20% jarenlang gidsland was, zien we dat we die voorsprong verliezen. Daarom zetten de sociale partners hun schouders onder aanbevelingen voor een nieuw, ambitieus actieplan voor de circulaire economie.
Een gezamenlijke visie voor een nieuw federaal actieplan
Werkgevers en werknemers werken in de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) en de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling aan een advies dat de belangrijkste opportuniteiten en drempels voor de groei van de circulaire economie in ons land analyseert. Op die basis zullen gedetailleerde beleidsaanbevelingen gemaakt worden, waarvan we hopen dat ze hun weg vinden naar het nieuwe Federaal Actieplan Circulaire Economie.
Om de ministers die het Federaal Actieplan voor de Circulaire Economie opmaken op tijd te inspireren, heeft de CRB nu al een nota opgemaakt met 5 prioriteiten, waarover werknemers en werkgevers het roerend eens zijn. Niet verrassend ligt de focus zowel op het versterken van circulaire ondernemingen als op kwaliteit van tewerkstelling, opleiding en sociaal overleg in de sector.
Respect voor de Ladder van Lansink
De verschillende stappen van de circulaire economie krijgen een hiërarchie in de zogenaamde Ladder van Lansink. Dit betekent dat we een circulaire benadering veralgemenen waarbij de hoogste treden de absolute prioriteit krijgen: het voorkomen van afval (preventie), het reduceren van grondstoffengebruik en het maximaal inzetten op hergebruik. Pas wanneer die opties uitgeput zijn, komen recycling en andere vormen van verwerking in beeld.
Stel de werknemer centraal
Een circulaire transitie is enkel rechtvaardig als de werknemer centraal staat. Dit vereist aandacht voor drie pijlers:
- We moeten anticiperen op de sectorale vaardigheidsnoden op de middellange termijn. Investeringen in opleiding, in bij- en omscholing zijn cruciaal.
- Daarbij is een sterke sociale dialoog en de verankering in collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) op zowel sector- als bedrijfsniveau essentieel.
- Nieuwe circulaire processen brengen nieuwe uitdagingen mee voor de veiligheid en gezondheid op de werkvloer. Aandacht voor preventie en bescherming is dan ook onontbeerlijk.
Gelijk speelveld en Europese voortrekkersrol
België moet zich op het Europese toneel manifesteren als voortrekker van de circulaire economie, en die binnen haar grenzen ontplooiingskansen geven. Dat betekent:
- Controle op import van niet-circulaire goederen van buiten de EU, met een specifieke focus op de groeiende stroom aan "pakjes".
- Het wegwerken van achterstelling: momenteel worden circulaire producten vaak nog benadeeld ten opzichte van lineaire alternatieven. Vooral in de bouwsector moet deze scheefgroei worden rechtgezet om circulaire materialen competitief te maken.
Belgische beleidsafstemming
Een betere intra-Belgische afstemming is noodzakelijk om met één sterke stem te kunnen spreken op Europees niveau en om het beleid tussen de verschillende regio’s op elkaar aan te laten sluiten, zodat bedrijven niet geconfronteerd worden met tegenstrijdige regels.
Stimuleren van de vraag
De transitie vraagt natuurlijk ook om een markt voor circulaire producten en diensten. Daarom willen de sociale partners dat de overheid consumenten sensibiliseert over het aanbod en de kwaliteit van circulaire producten. Tegelijk moet de overheid zelf het goede voorbeeld geven door circulariteit als criterium op te nemen in overheidsopdrachten.
Als sociale partners rekenen we erop dat de bevoegde ministers rekening houden met deze gedeelde bezorgdheden van alle economische actoren. Alleen door samen te werken – overheid, bedrijven én werknemers – kunnen we de circulaire transitie echt waarmaken.
Meer lezen?
De prioriteiten van vakbonden en werkgeversorganisaties voor een ambitieus federaal actieplan circulaire economie vind je hier.