Managementvennootschappen: tijd voor eerlijkere spelregels
De federale regering staat voor een begrotingsuitdaging van jewelste. In de zoektocht naar structurele inkomsten duikt één thema steeds vaker op: managementvennootschappen. En terecht. Want wat in principe een legale constructie is, heeft zich ontwikkeld tot een fiscaal optimalisatie-instrument dat de solidariteit tussen werkenden ernstig onder druk zet.
Een explosieve groei met een prijskaartje
De cijfers liegen er niet om: het aantal managementvennootschappen is de laatste jaren verdubbeld van 41.510 tot 80.210. Die groei vertelt een verhaal over de hedendaagse arbeidsmarkt, maar ook over een fiscaal systeem dat uit balans is geraakt. De overheid loopt hierdoor aanzienlijk fiscale inkomsten mis.
Het verschil in belastingdruk is verbijsterend. Bij een belastbaar inkomen van 49.840 euro per jaar betaalt een gewone werknemer reeds 50% belastingen in de personenbelasting. Wie via een managementvennootschap werkt, betaalt daarentegen slechts 20% vennootschapsbelasting op de eerste schijf van 100.000 euro en ook daarboven slechts 25%.
En daar houdt het niet op. De reserves die binnen de vennootschap worden opgebouwd, kunnen aan jezelf worden uitgekeerd via een dividend dat slechts aan een verlaagde roerende voorheffing van 15% belast wordt, terwijl de roerende voorheffing op dividenden normaal gezien 30% bedraagt. Wanneer die reserves in de vennootschap worden gehouden, kunnen ze zelfs belastingvrij worden uitgekeerd bij het pensioen.
Op basis van eigen berekeningen kan de loonoptimalisatie op een brutoloon van € 6.500 al snel 40% (of € 1.600 per maand) meer loon bedragen via een managementvennootschap dan als normale loontrekkende. In de meeste gevallen ligt de nettowinst nog hoger voor een managementconstructie door het gebruik van bijkomende fiscaal voordelige manieren van alternatieve verloning.
Het fiscale optimalisatiespel
Naast de lagere belastingen op de beroepsinkomsten kunnen ook nog allerhande kostenposten worden ingebracht die ervoor zorgen dat het belastbaar inkomen in de managementvennootschap verder wordt gereduceerd. Zo kan een deel van de eigen woning dat gebruikt wordt voor beroepsdoeleinden aan jezelf worden verhuurd, is er fiscaal voordelig pensioensparen mogelijk, kan een auto worden aangekocht op naam van de vennootschap, kunnen allerhande onkosten worden ingebracht, enzovoort.
Het resultaat? Een belangrijk deel van de beroepscategorieën met een hoog inkomen – consultants, artsen, informatici, managers – richt vandaag een managementvennootschap op en ontwijkt op die manier een belangrijk aandeel aan belastingen en sociale bijdragen. De gewone werknemer, die deze luxe niet heeft, blijft de rekening betalen.
Tijd voor toereikende maatregelen
De maatregelen die de huidige regering al nam, schieten fundamenteel tekort om de ongelijkheid tussen werknemers en zelfstandigen via managementvennootschappen aan te pakken. De ACLVB pleit daarom voor een grondiger aanpak die het oneigenlijk gebruik van managementvennootschappen daadwerkelijk tegengaat!
Verhoog de minimumbezoldiging substantieel
De vennootschap moet een brutoloon uitbetalen dat minimaal 75% bedraagt van het gebruikelijke loon voor dezelfde betrekking. De minimumbezoldiging die dient te worden uitbetaald moet verder worden verhoogd naar 60.000 euro en jaarlijks geïndexeerd worden. Dit zorgt ervoor dat ook via managementvennootschappen een eerlijke bijdrage wordt geleverd.
Herintroduceer het minimumkapitaal
Het minimumkapitaal voor de oprichting van een besloten vennootschap dient opnieuw geïntroduceerd te worden. Voorheen lag dat op 18.550 euro. Start-ups kunnen een aanvraag indienen om hiervan vrijgesteld te worden om ondernemerschap te stimuleren, maar daarbij moet wel worden aangetoond dat er een nieuw product of een nieuwe dienst wordt ontwikkeld. Dit voorkomt dat managementvennootschappen louter voor fiscale optimalisatie worden opgericht.
Verstreng de toegang tot verlaagde tarieven
De voorwaarden om in aanmerking te komen voor het verlaagde tarief van 20% in de vennootschapsbelasting moeten verstrengen. Managementvennootschappen dienen per definitie uitgesloten te worden van deze regeling en kunnen enkel genieten van het verlaagde tarief door het verantwoorden van hun activiteiten aan de fiscus.
Ook de voorwaarden om gebruik te kunnen maken van het verlaagde tarief voor dividenduitkeringen van 15% moeten strenger gemaakt worden, opdat dit voorbehouden blijft voor start-ups en scale-ups die nieuwe producten of diensten ontwikkelen.
Pak het misbruik van kostenaftrek aan
Er dient strenger te worden toegezien op het inbrengen van privékosten als beroepskosten. Wanneer er vastgoed wordt aangekocht binnen een vennootschap dat niet voor beroepsdoeleinden wordt gebruikt, moet het verboden worden om hiervoor kosten af te trekken binnen de vennootschap.
Bovendien zou de overheid bepaalde aftrekposten en belastingvoordelen kunnen beperken of aanpassen om oneigenlijk gebruik ervan te ontmoedigen. Bij hervormingen aan aftrekposten, belastingvoordelen en andere systemen dient de overheid een gelijkwaardige fiscale behandeling tussen loontrekkenden en zelfstandigen te beogen.
Versterk de controle en handhaving
De overheid zou antimisbruikbepalingen in de socialezekerheidsreglementering en belastingwetgeving moeten opnemen om onder andere specifieke gevallen van belastingarbitrage te voorkomen.
De handhaving van de belastingregels met betrekking tot managementvennootschappen moet versterkt worden. Hierbij kan gedacht worden aan het opdrijven van fiscale controles, het opleggen van administratieve boetes en het sluiten van fiscale achterpoortjes. Dit zowel op federaal als op regionaal niveau.
Een kwestie van rechtvaardigheid
Het oneigenlijk gebruik van managementvennootschappen ondermijnt de solidariteit waarop ons sociaal systeem is gebouwd. Het leidt tot verminderde inkomsten van socialezekerheidsbijdragen en beperktere belastinginkomsten, terwijl de noden aan publieke financiering alleen maar toenemen.
De ACLVB vraagt eerlijke spelregels die gelden voor iedereen. Wie meer verdient, moet ook een faire bijdrage leveren aan onze gemeenschap. Wij blijven ijveren voor een fiscaal systeem waarin arbeid rechtvaardig wordt beloond en belast, en iedereen naar draagkracht bijdraagt aan onze sociale zekerheid. Niet op papier, maar in de praktijk.
Want solidariteit is geen vrijblijvende keuze, het is de basis van een rechtvaardige samenleving waarin iedereen zijn verantwoordelijkheid opneemt.