Werkloosheid: “Wanneer loopt je uitkering mogelijks ten einde door de hervormingen van de regering?”
De federale regering beperkt de duur van de werkloosheidsuitkeringen tot maximum twee jaar. Bepaalde groepen worden hiervan uitgezonderd (zie verder). Ook de inschakelingsuitkeringen worden beperkt tot maximum één jaar.
De hervorming zal stapsgewijs worden ingevoerd via een overgangsregeling die ingaat vanaf 1 juli 2025. De nieuwe regels zelf treden in werking op 1 maart 2026.
Gefaseerde uitstroom
Voor wie op 30 juni 2025 reeds werkloosheidsuitkeringen ontvangt, voorziet de regering in een gefaseerde uitsluiting van het recht op uitkeringen. Op basis van onderstaande informatie kan je alvast inschatten wat in jouw situatie als volledig werkloze van toepassing is.
Je bevindt je op 30 juni 2025 in de eerste vergoedingsperiode (in het eerste jaar werkloosheid; hoogste uitkering):
- Heb je minstens 5 jaar beroepsverleden?
► Dan heb je nog maximaal 24 maanden recht. Je wordt uitgesloten vanaf 1 juli 2027. - Heb je minder dan 5 jaar beroepsverleden?
► Dan heb je nog 12 maanden recht, aangevuld met 1 extra maand per 104 gewerkte (of gelijkgestelde) dagen beroepsverleden. Je totale recht bedraagt maximaal 24 maanden. Je verliest je uitkering ten vroegste vanaf 1 juli 2026 of uiterlijk vanaf 1 juli 2027.
Je bevindt je op 30 juni 2025 in de tweede vergoedingsperiode:
- Je behoudt je uitkering nog maximaal 12 maanden. Je wordt uitgesloten vanaf 1 juli 2026.
Je bevindt je op 30 juni 2025 in de derde vergoedingsperiode (forfaituitkering):
- Heb je op 31 december 2024 minder dan 8 jaar werkloosheidsuitkeringen genoten? (minder dan 2.496 uitkeringen)
► Je behoudt je recht nog maximaal 9 maanden. Je verliest je uitkering vanaf 1 april 2026. - Heb je op 31 december 2024 minstens 8 maar minder dan 20 jaar werkloosheidsuitkeringen genoten? (tussen 2.496 en 6.239 uitkeringen)
► Je behoudt je recht nog maximaal 8 maanden. Je verliest je uitkering vanaf 1 maart 2026. - Heb je op 31 december 2024 minstens 20 jaar werkloosheidsuitkeringen genoten? (minstens 6.239 uitkeringen)
► Je behoudt je recht nog maximaal 6 maanden. Je verliest je uitkering vanaf 1 januari 2026.
Ben je op 30 juni 2025 niet werkloos en vraag je nadien – na een onderbreking van minstens vier weken – opnieuw werkloosheidsuitkeringen aan? Of doe je dan pas je eerste aanvraag? Dan begint de maximale uitkeringsduur waarvan hierboven sprake pas op dat moment te lopen.
Ook voor jongeren met een inschakelingsuitkering?
Ook voor de inschakelingsuitkeringen (voor jongeren) is er een overgangsmaatregel voorzien. Deze is echter iets anders:
- Ben je toegelaten op basis van het oude stelsel en ligt je einddatum na 30 juni 2025?
► Dan blijft je vastgestelde einddatum behouden als die vóór 1 januari 2026 ligt.
► Ligt je einddatum op of na 1 januari 2026? Dan wordt je nieuwe einddatum 1 januari 2026. - Ben je toegelaten vanaf 1 januari 2025?
► Dan heb je recht op een uitkering tot 12 maanden na je startdatum. - Heb je vóór 1 januari 2026 een verlenging of uitbreiding gekregen?
► Dan behoud je die tot uiterlijk 31 december 2026.
► Nieuwe verlengingen of uitbreidingen zijn niet meer mogelijk vanaf 1 januari 2026. - Ben je vóór 1 januari 2026 gestart met een opleiding in een knelpuntberoep?
► Dan behoud je je uitkering tot uiterlijk 30 juni 2030.
Over de inkomensgarantie-uitkering (IGU)
Vanaf 1 maart 2026 geldt dat de IGU behouden blijft op het einde van de maximumtermijn, op voorwaarde dat je ononderbroken deeltijdse tewerkstelling gemiddeld minstens 19u per week bedraagt, of minstens de helft van een voltijds uurrooster.
Dit geldt zowel voor uitkeringen volledige werkloosheid als voor inschakelingsuitkeringen.
Hoe kan je je recht (her) openen vanaf 1 maart 2026?
Voor gewone werkloosheidsuitkeringen (inclusief IGU) geldt
Vanaf 1 maart 2026 moet je minstens één jaar gewerkt (of gelijkgesteld) hebben binnen een periode van drie jaar om opnieuw recht op werkloosheidsuitkeringen te openen. Je hebt dan recht op 12 maanden uitkering, aangevuld met 1 extra maand per 104 gewerkte (of gelijkgestelde) dagen, tot een maximum van 24 maanden in totaal. Anders gezegd: Heb je minstens 5 jaar beroepsverleden, dan zal je het maximum van 24 maanden toegekend krijgen.
Voor inschakelingsuitkeringen
Vanaf 1 maart 2026 gelden strengere toelatingsvoorwaarden om je recht op inschakelingsuitkeringen te openen. Je moet bijvoorbeeld steeds een diploma hebben behaald. (vb. diploma secundair onderwijs). Daarnaast wordt de beroepsinschakelingstijd (de wachtperiode van 310 dagen zonder recht op uitkering) ingekort tot 156 dagen. Voldoe je aan alle voorwaarden, dan heb je recht op maximaal 12 maanden inschakelingsuitkering. Let op: Onder de nieuwe regels kan je na het verstrijken van deze maximumduur niet opnieuw een beroep doen op deze uitkering.
Uitzonderingen
Sommige groepen zijn niet onderworpen aan de maximumduur van twee jaar werkloosheidsuitkeringen:
- Je bent op 30 juni 2025 minstens 55 jaar én kunt 30 jaar beroepsverleden aantonen (31 jaar in 2026).
- Je bent erkend als havenarbeider, zeevisser, vislosser of -sorteerder, SWT’er, kunstwerker (ook als je niet voldeed aan de voorwaarden voor hernieuwing van het kunstenaarsstatuut en forfaitaire uitkeringen krijgt), werknemer in een maatwerkbedrijf met een handicap, of een niet-toeleidbare werkzoekende met een beschermingsuitkering.
- Je bent vóór 1 januari 2026 gestart met een opleiding in een knelpuntberoep. In dat geval behoud je je recht op uitkeringen tot uiterlijk 30 juni 2030. Voor opleidingen die starten vanaf 2026 is er enkel nog een uitzondering voor opleidingen die leiden tot een baan in kritieke sectoren van de gezondheidszorg, namelijk verpleegkundige of zorgkundige.
Bovenstaande geeft een indicatie van wanneer jouw recht kan eindigen door de hervorming. Het is geen volledig overzicht van alle nieuwe regels.
Je krijgt automatisch een persoonlijke brief als jouw situatie verandert. De brieven worden ten vroegste vanaf midden september 2025 verstuurd, in verschillende golven, dus niet iedereen tegelijk.
Meer informatie is ook terug te vinden op de site van de RVA